Overzicht Actueel

‘Gratis’ cadeau bij abonnement: consumentenkrediet?

Een telefoonabonnement met ‘gratis’ smartphone is een overeenkomst van consumentenkrediet, zo heeft de Hoge Raad deze zomer geconcludeerd. Een uitspraak met verstrekkende gevolgen voor niet alleen de telefoonaanbieders, maar ook voor eventueel in te schakelen bemiddelaars, zoals callcenters. Op het moment immers sprake is van het aanbieden van krediet, is op grond van de Wet op het financieel toezicht (Wft) een vergunning vereist en gelden extra (informatie)verplichtingen.

De zaak

Een consument sluit in een winkel twee telefoonabonnementen inclusief toestel af bij een telefoonaanbieder. Vervolgens blijft de consument achter met het betalen van de maandelijkse abonnementskosten. De telefoonaanbieder start een incassoprocedure tegen de consument. In deze procedure verweert de consument zich door aan te voeren dat er sprake is van (i) een koop op afbetaling en (ii) een kredietovereenkomst die zij kan vernietigen, omdat de overeenkomst niet schriftelijk is gesloten.

De rechter vraagt aan de Hoge Raad of een telefoonabonnement inclusief toestel (juridisch) kan worden aangemerkt als een koop op afbetaling en een kredietovereenkomst? “Ja”, aldus de Hoge Raad. De gemaakte inkoopkosten worden (gedeeltelijk) terugverdiend uit de door de consument te betalen maandelijkse abonnementskosten, terwijl de consument niet verwacht het toestel gratis en voor niets te krijgen. Pas wanneer de telefoonaanbieder kan aantonen dat de consument daadwerkelijk geen cent betaalt voor het toestel, is er geen sprake van een koop op afbetaling of een kredietovereenkomst.

Gelet op de argumentatie van de Hoge Raad is de uitspraak ook van belang voor andersoortige abonnementen met ‘gratis’ welkomstgeschenken. Denk aan de gratis tablet bij een energiecontract. Ook hier geldt dat de inkoopprijs deels verdisconteerd zal zijn in de maandelijkse kosten.

De gevolgen op een rij…

Koop op afbetaling

  • Een koop op afbetaling is niet bindend voordat de koopprijs van het toestel is bepaald. Telefoonaanbieders kunnen niet langer in het midden laten wat de koopprijs van het toestel is.
  • De echtgenoot van de koper kan de koop op afbetaling binnen drie jaar vernietigen wanneer deze geen toestemming heeft gegeven voor de koop op afbetaling.

Kredietovereenkomst

De wettelijke regels over consumentenkredietovereenkomsten (Titel 2A uit Boek 7 BW) zijn van toepassing, dit betekent onder andere dat:

  • de kredietovereenkomst in tweevoud schriftelijk moet worden aangegaan (vorm);
  • de kredietovereenkomst duidelijk en beknopt moet vermelden: het soort krediet, de partijen, het totale kredietbedrag (contante prijs) en de eventuele rente en kosten (inhoud);
  • voor het aangaan van de kredietovereenkomst de voorgeschreven precontractuele informatie moet zijn verstrekt;
  • de consument een bedenktermijn van 14 dagen heeft en het recht het toestel ineens (vervroegd) af te betalen.

Daarnaast is de Wet financieel toezicht (Wft) is van toepassing, dit betekent onder andere dat:

  • zowel de aanbieder als een eventuele bemiddelaar een vergunning van toezichthouder AFM nodig heeft voor het aanbieden van het krediet;
  • dat de aanbieder of de eventuele bemiddelaar de consument in gestandaardiseerde vorm informatie aanbiedt vóór het aangaan van de kredietovereenkomst (zie bijlage D, Wft);
  • de aanbieder deelneemt aan een stelsel van kredietregistratie (BKR), voor zover het krediet meer dan € 250,00 bedraagt;
  • dat de aanbieder zich verdiept in de voorkeuren en leencapaciteit van de consument, voor zover het krediet meer dan € 1.000,00 bedraagt. Dit zal niet snel het geval zijn bij premiums;
  • de aanbieder een administratieplicht heeft en saldo-overzichten aan de consument moet verschaffen.

De consument kan alleen de ’koop’ van het toestel vernietigen in het geval één van de bovengenoemde regels niet is nageleefd. Het abonnement blijft voor het overige (bijv. het leveren van telecommunicatiediensten) gewoon in stand.

Uitzondering

De Wft is niet van toepassing op krediet dat voor minder dan drie maanden wordt verstrekt. Een (telefoon)abonnement heeft doorgaans een looptijd van één of twee jaar, zodat deze uitzondering niet snel zal opgaan als het toestel gedurende de abonnementsperiode wordt afbetaald.

Scheiding der machten

Dat de uitspraak verstrekkende gevolgen heeft voor de sector, begrijpt uiteraard ook de Hoge Raad, maar is geen reden om een uitzondering op de wet te aanvaarden. Het is aan de minister om af te wijken van bepaalde regels van de Wft of aan de wetgever om te beoordelen of een uitzondering hier op zijn plek is, aldus de Hoge Raad.

Oplossingen in de praktijk

Naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad zal de consument de keuze gaan krijgen het toestel ineens dan wel in termijnen af te betalen, waarbij de toestelkosten worden losgekoppeld van de abonnementskosten.